Terugblik: MetaPACT symposium 2026 – ‘Cure, Care & Connect’

Zaterdag 3 oktober vond het MetaPACT-symposium plaats in de Ernst Sillem Hoeve in Den Dolder. MetaPACT is het samenwerkingsverband van patiëntvertegenwoordigers, fondsenwervende organisaties, kleinere stichtingen en UMD, dat initiatieven en organisaties in het metabole veld verbindt. Het thema ‘Cure, Care en Connect’ vormde de rode draad van de dag.

Dagvoorzitter Daniël Dekker, DJ en mediaman, praatte de dag aan elkaar en maakte de belofte het veld te helpen met metabole ziekten op de agenda te houden. Clara van Karnebeek en prinses Laurentien blikten terug op de oprichting van MetaPACT én vooruit. Clara benoemde de successen die UMD als consortium boekte: van de kennisagenda en ZOEMBA-studie tot ontwikkelde zorgpaden. Hans Waterham schetste hoe UMD in de eerste vijf jaar als één groot centrum kennis en knowhow bundelde en mensen dichterbij elkaar bracht. De met Metakids geformuleerde ambitie ‘50in35’ biedt een punt op de horizon: in 2035 moet 50% van de Nederlandse patiënten met een erfelijke metabole ziekte toegang hebben tot ziekte-modificerende therapieën.

Hanka Dekker (VKS) benadrukte dat we samen veel kunnen bereiken en pleitte voor opname van behandelbare ziekten in de hielprik. Jeroen van Bruggen (voorzitter Galactosemievereniging) en Caroline van Essen (VKS) spraken over de kracht van samenwerking en verbinding tussen alle betrokken partijen. Indrukwekkend waren de persoonlijke verhalen van Suzan Hilhorst, moeder van twee dochters die jong overleden aan een metabole ziekte en producent van documentaires over Jelte de Haan, en van Kelsey, moeder van Maeve. De strijd van zorgintensieve gezinnen om de juiste zorg en hulp te vinden raakte velen diep. Psychosociale zorg blijkt nog onderbelicht: een thema dat door de hele dag terugkwam.

In de middag stonden interactieve sessies centraal. Hidde Huidekoper (Erasmus MC) en Koen de Boo (patiëntvertegenwoordiger) namen deelnemers mee in Mission 50in35, met nadruk op het belang van patiëntbetrokkenheid. Het onderzoeksprogramma Mission50in35 richt zich op effectieve en toegankelijke behandelstrategieën via voeding (zoals aangepaste diëten en supplementen) en medicijnen (zoals bestaande geneesmiddelen die opnieuw worden ingezet). De infrastructuur die in dit programma wordt opgebouwd, is uniek en een voorbeeld voor andere zeldzame ziekten.

Bianca Hierck (Stichting Kind & Zorg) liet in ‘Zorg vinden zonder verdwalen’ zien hoe gezinnen via de Routekaart sneller de juiste ondersteuning vinden. Tineke de Jong (Me-Movement) hielp ouders van de survivalmodus naar zelfzorg. Bij de connect-sessie van Jeroen van Bruggen en Bas Boekema werd daadwerkelijk verbonden: deelnemers hielpen elkaar met kennis, ervaring en contacten en wisselden ter plekke telefoonnummers uit. Jan-Matthijs van Eendenburg (Metakids) riep op tot deelname aan de Metakids Team Challenge op 8 november in Utrecht: hindernissen als symbool voor de obstakels die gezinnen met een metabole ziekte, én artsen en onderzoekers die aan doorbraken werken, elke dag nemen.

De dag werd feestelijk afgesloten met een symbolisch moment. Vertegenwoordigers vanuit de verschillende kanten van het metabole veld drukten samen de grote groene knop in: een hernieuwd, gezamenlijk commitment aan de ambitie 50in35. Mission 50in35 is daarbij een belangrijke concrete stap richting die ambitie en gaat per 1 januari van start. De boodschap van deze dag: verbind en werk samen, in onderzoek, in zorg én het sociale domein, om behandeling en steun mogelijk te maken voor patiënten en gezinnen met een erfelijke metabole ziekte.

Image
https://www.flickr.com/photos/genomegov/27861478565

De Ins en Outs van Exoom Sequencing

|

Metabole ziekten komen in allerlei vormen voor en zijn soms lastig te diagnosticeren. Wanneer men het vermoeden heeft dat er sprake is van een metabole ziekte, is daarom niet altijd meteen duidelijk welke ziekte de patiënt precies heeft. De afgelopen jaren zijn er veel methoden bijgekomen die kunnen bijdragen aan het stellen van een diagnose. Een van de meest gebruikte methoden in Nederland is Whole Exome Sequencing, WES. Er kunnen veel ziekten mee worden opgespoord, maar nog lang niet alles. Wat doe je als er geen diagnose uit WES komt? Dat beschrijven Dr. Machteld Oud, Dr. Saskia Wortmann, Prof. dr. Clara van Karnebeek en diverse collega's in een recent verschenen publicatie.

Whole Exome Sequencing, afgekort WES, is een genetische techniek die gebruikt kan worden om veranderingen in het DNA vast te stellen. Er wordt met WES naar de stukken DNA gekeken die uiteindelijk coderen voor eiwitten, de exonen. Dit zogenaamde exoom is ongeveer 1% van het totale DNA in een menselijke cel. Bij WES worden de exonen van de patiënt vergeleken met een grote database van gezonde personen. Zo worden afwijkingen in het DNA zichtbaar gemaakt. WES kan worden gebruikt om een genetische ziekte vast te stellen, en dus metabole ziekten. Omdat er met WES alleen wordt gekeken naar ‘foutjes’ in DNA dat voor eiwitten codeert, kun je bij een bekende afwijkende uitslag vaak snel zien wat voor ziekte de patiënt heeft.

“Exome sequencing wordt in Nederland bijna standaard gebruikt als er vermoed wordt dat de patiënt een erfelijke ziekte heeft,” vertelt dr. Machteld Oud, onderzoeker Translational Genomics aan het Radboudumc. “Dat is niet in alle landen het geval, daarom komt een naslagwerk over wat je precies met WES kunt doen van pas.” Patiënten niet altijd direct terecht bij een arts die is gespecialiseerd in genetische of metabole ziekten. “Ons artikel kan niet-genetici helpen begrijpen wat je uit een exoom kan halen, wat niet, en wat niet standaard wordt onderzocht bij WES,” aldus Oud.

De techniek is de afgelopen jaren sterk ontwikkeld en geeft gemiddeld genomen bij 50% van de patiënten uitsluitsel over de diagnose. Gelukkig zijn er meer mogelijkheden om het aantal diagnoses te verhogen. Ten eerste wordt aangeraden om niet alleen naar het DNA van de patiënt te kijken. Het grootste deel van de genetische ziekten wordt van ouder op kind doorgegeven: vaak kan het nuttig zijn om ook de exonen van de ouders en andere familieleden te onderzoeken.

Binnen de ZOEMBA-studie, de klinische trial van UMD waar wordt geprobeerd een diagnose te vinden voor patiënten die vermoedelijk een metabole ziekte hebben, gebeurt dit ook. “ZOEMBA begint op het moment dat er niets uit de initiële WES komt,” zegt Oud. “Bij ZOEMBA analyseren we de WES opnieuw en bekijken we vervolgens het hele genoom, dus het complete DNA, om afwijkingen te vinden.”

In tegenstelling tot WES wordt Whole Genome Sequencing, oftewel WGS, nog niet standaard uitgevoerd in Nederland. Volgens Oud komt dit doordat de techniek momenteel nog erg kostbaar is. “Maar de ontwikkelingen gaan snel, dus WGS zal de nieuwe standaard worden.” Ook met WGS wordt helaas niet altijd een diagnose gesteld. Oud: “Een van de redenen daarvoor is dat we niet altijd weten wat een bepaalde afwijking betekent. We zien wel een variant in het DNA, maar omdat we nog niet genoeg vergelijkingsmateriaal hebben, kunnen we het nog niet interpreteren.”

Houdt het op als je geen diagnose kunt stellen met WES? Gelukkig niet, er bestaan ook andere technieken, die bijvoorbeeld allerlei stoffen in het bloed in kaart brengen, zodat een tekort of overschot in deze stoffen opgemerkt kan worden. Ook bij deze technieken staan de ontwikkelingen niet stil. En hoe meer WGS we uitvoeren, hoe meer er bekend wordt over de afwijkingen. Een ‘negatieve’ uitslag is dus geen eindpunt in de zoektocht naar de diagnose, maar een nieuw begin.

Image credit: National Human Genome Research Institute

Hiernaast leest u alle nieuwsberichten die zijn geplaatst t/m 2025. Binnenkort verschijnt er een nieuwe UMD nieuws pagina. Tot die tijd leest u het laatste nieuws via onze nieuwsbrief.

Lees hier de meest recente UMD nieuwsbrief.

{{row.name}}
{{row.date}}